Gedaanteverandering van de Heer (2006)

Beste dorpsgenoten,

"Ogenblik, sta stil: je bent zo mooi." Dit zijn woorden van Johann Wolfgang von Goethe (1744-1832), een van de grootste Duitse dichters en geleerden. Het lijkt wel wat op de woorden van Petrus die we gehoord hebben in het evangelie en die hij uitsprak toen hij Jezus zag, van gedaante veranderd in een wezen van een andere wereld. "Hij wist niet goed wat hij zei, want ze waren allen geheel verbluft." Hij wilde vasthouden wat hij meemaakte.

Als we het gebeuren bekijken van de kant van Petrus dan kunnen we spreken van een intense gelukservaring, een top ervaring. Ook kunnen we denken aan de H. Paulus die een intense ervaring meemaakte en die hem tot een totaal ander mens maakte. En we horen van sporters die een overwinning behalen en totaal van de kaart zijn of onbedaarlijk beginnen te huilen. Het is alsof een verborgen kant van een persoon opeens stralend, overweldigend aan het licht komt, zoals het van Jezus beschreven staat.

Misschien heeft u zelf ooit zo iets meegemaakt: een ervaring van geluk of iets dat u diep aangreep. Ik kan me herinneren dat ik ooit na een operatie een gevoel van kracht en gezondheid door me heen stroomde dat de pijn die ik voelde, helemaal niet meer telde. Alsof mijn bestaan heel anders was geworden, in een flits, niet met woorden te beschrijven.

De Libanese dichter Kahlil Gibran schrijft dit hierover: "Gij bidt in uw wanhoop en in uw nood. Hoe zou ik wensen dat ge ook in de volheid van uw vreugde en in de dagen van overvloed bidden kon."

In plaats van de gedaanteverandering van Jezus proberen uit te leggen, zou ik er liever aan willen herinneren dat er in ons allemaal een verborgen schoonheid schuilt,die zich op onverwachte momenten kan openbaren in een gevoel van genade, van geluk, zo intens dat we niet kunnen geloven dat het ons overkomt. En dan kan het ons voorbijgaan zonder dat we er ja op hebben durven zeggen, zonder dat we gezegd hebben wat Petrus zei, of Goethe: "Ogenblik, sta stil, je bent zo mooi."

En terwijl ik hier over zulke verheven en onuitsprekelijke dingen iets probeer te zeggen, gaat in het Midden - Oosten het vernietigende geweld ongehinderd door. De grote machten zwijgen, Europa zwijgt, de paus zwijgt.

Niet alleen een overrompelende schoonheid is er in ons verborgen, maar ook een duistere duivelse drift om te vernietigen. Is het deze donkere kracht in ons allemaal die ons, die de wereld tot zwijgen dwingt, juist zoals we ook geen raad weten met momenten van stralend geluk?

Het beste dat ik zeggen kan is een oud verhaal aanhalen dat ik las in een artikel van Avraham Burg (geboren in Israel in 1955) die voorzitter was van het Parlement van Israël van 1999 tot 2003. Hij wil niets dan vrede en hij gruwt van wat Joden en Arabieren elkaar sinds 1948 hebben aangedaan en steeds intenser aandoen.

Er was een wijze man die iedere vraag kon beantwoorden. Een van zijn studenten wilde hem in de val laten lopen. Hij ving een vlinder en hield hem in zijn vuist. Hij kwam naar de wijze man en vroeg hem: "Wat heb ik in mijn hand - een levende of een dode vlinder?" Hij dacht, als hij zegt "Een levende", dan zal ik de vlinder doodknijpen, en als hij zegt ‘Een dode", dan doe ik mijn hand open en laat de vlinder los en zo zal iedereen weten dat de wijze man niets weet.

Maar de wijze man keek hem recht in de ogen en zei: "Het is helemaal in jouw handen."

En zo staan Joden en Arabieren tegenover elkaar, met een toekomst vol leven of dood, met kinderen die moeten leven in hoop of wanhoop. Ze hebben het allebei in hun handen.

De poster tegen de muur laat ons zien hoe het anders kan.

Dat het zo moge worden.