God trekt bij ons in

Jezus is gestorven! Hoe moeten de leerlingen, hoe moeten wij verder zonder Hem? De leerlingen zijn na Zijn lijden en dood in een levensfase beland die hen confronteert met een leegte. Ze zijn ontredderd. Ze hebben tijd nodig om hun droefenis en verbittering te boven te komen en opnieuw hun roeping te verstaan.

Er zijn de verschijningsverhalen, maar ook de woorden van Jezus waarin Hij zijn getrouwen voorbereidt op Zijn dood. Hij doet dat echter niet zonder hun hoop te bieden: ze zullen er niet alleen voor staan want Hij zal een helper sturen, een Geest die hen de ogen en de geest zal openen.

Al is Hij dan niet meer lijfelijk aanwezig op aarde, Hij werkt nog wel door de heilige Geest die hen de weg zal wijzen hoe ze verder moeten gaan. In zijn afscheidsrede spreekt Jezus over een blijvende verbondenheid, het voortzetten van Zijn woorden en daden en dit niet in leuzen maar in daden, in het dagelijks leven ook buiten het kerkgebouw. Inspirerende woorden en daden, goede herinneringen, die moet je levend houden , daar moet je wat mee doen.

De woorden die Jezus tot zijn leerlingen sprak zijn ook voor ons en alle generaties bedoeld. Het noodzakelijke contact met God door stil gebed, door liefdevol omgaan met de medemens, het respect voor onze prachtige wereld en alle schepselen die haar bewonen, het zijn de waardevolle en gelukkige ogenblikken die God dichter bij ons kunnen brengen… Dat zijn de gouden momenten die ons leven zijn volle waarde kunnen geven.

Dan zegt Hij ook nog, en iets dat ook ons raakt: ”Mijn vrede laat ik U na; mijn vrede geef Ik u.”

Woorden? Ik denk het niet. De vrede die Jezus ons nalaat is niet gebaseerd op het recht van de sterkste zoals het in de wereldse vrede er aan toe gaat. De vrede die Jezus ons geeft en die wij moeten doorgeven, is eerbied voor de zwaksten, is dialoog en onderling respect voor andere meningen.

Pas dan zullen wij God aanwezig kunnen weten in ons leven en Hem aanwezig laten komen in elk gesprek met medemensen. Want, en dat is al zo dikwijls herhaald, meer nog dan in woorden, is God herkenbaar en voelbaar in elke daad van liefde en genegenheid. Het is door zijn woord dat wij gestalte kunnen geven door onze daden, dat God werkelijk in ons woont.

Tot slot zou ik toch nog even de eerste lezing terug onder uw aandacht willen brengen. Het is nogmaals een stukje genomen uit de Apokalyps of het boek der openbaring. Het visioen dat Johannes hier beschrijft heeft duidelijk de bedoeling de toenmalige christenen te sterken, hoop te geven en hen aan te sporen standvastig te blijven. Het moest een boek van kracht en troost zijn voor de belaagde kerk en haar martelaren.

Immers na de verwoesting van de tempel en van Jeruzalem door de Romeinen, was het nodig dat er toch nog een toekomstbeeld geschapen werd waarin het goede terug de bovenhand zou krijgen. Ondanks de soms verheven taal en de bizarre vorm van het boek, was het doel van de schrijvers niet het sensationele, maar om bemoediging en vertroosting te brengen aan de vrome minderheid in tijden van vervolging en lijden.

Zo gezien sluiten de twee lezingen van vandaag bij elkaar aan: allebei willen ze de mens die zoekend en mistroostig is, terug hoop en toekomst geven. Jezus belooft ons een helper die ons de juiste weg naar God zal wijzen, en Johannes voorspelt de verrijzenis van Jeruzalem aan de geplaagde christenen van de jonge kerk.

Ik zou jullie nog een klein gebedje willen meegeven. Ik vond het bij Toon Hermans

Zie Zijn hand in zee en land

En in het jonge groen

Weet dat Hij er altijd is

In alles wat wij doen

In ’t licht of in de duisternis

In alle eeuwigheid

Diep in jezelf kom je tot rust

Wanneer Zijn Hand je leidt.