Maak dat ik zien kan (2009)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 121 niet laden

* Langs de weg bij de poort van Jericho zit een blinde bedelaar, Hij roept: "Jezus, Zoon van David, heb medelijden met mij". 'Zoon van David' was een Messiaanse titel. Was het Messiaans geheim dan toch uitgelekt ? En moest hij juist daarom zwijgen ? Of ziet die blinde iets wat de omringende menigte die meent te zien nog niet ziet ? 'Heb medelijden met mij': 'Kyrie eleison', het Jezusgebed.

* Dit gebeuren volgt op het verhaal van de geestelijke blindheid van Jezus' leerlingen in de vorige zondagevangeliën. De rijke jongeman had Gods geboden stipt nageleefd en vraagt aan Jezus wat hijzelf (!) nog moest doen om het eeuwig leven te verwerven (Mc 10,17). Toen verbaasden de leerlingen zich erover dat Jezus zei alle rijkdom prijs te geven om het Rijk Gods te verwerven. Even verblind vroegen de arrogante Zebedeüszonen daarop dat Jezus (!) zou doen wat zij Hem wilden vragen (Mc 10,35). En ook aan de blinde zegt Jezus: "Wat wil jij dat Ik (!) voor je doe ?" En die roept: "Meester, maak dat ik zien kan !". Daarop volgt bij Lucas het verhaal van Zacheüs die alles doet om te zien wie Jezus was (Lc 19,3-4). Een climax van blindheid naar zien,... en volgen.

1. Het woord "zien" heeft in de evangeliën een bijzondere betekenis.

- Het gaat er om het ware zien, een zien in de diepte. De goede boodschap is één doorbraak van het licht in een duel met de duisternis, de blindheid, passie en onwil waardoor de mens in zichzelf hapert en niet ziet. Bij de genezing van de blindgeborene zei Jezus dat Hij tot splitsing (Gr.: 'eis krima') in de wereld gekomen is, opdat zij die in hun eigenwaan pretenderen te zien in de blindheid van hun hoogmoed zouden worden vastgespijkerd, en opdat zij wel zouden zien die verlangend uitzien naar het Licht (Joh 9,39). Bij zijn parabelenpreek herhaalde Jezus daarom de woorden van de profeet Jesaja; "Met hun ogen zullen ze kijken en toch niet zien, want verhard is het hart van dit volk. Hun ogen knijpen ze dicht uit vrees zich te gaan moeten bekeren" (Mc 4,12; Jes 6,9-10).

- Puur fysisch zien we al heel weinig: alleen wat zich beweegt tussen infrarood en ultraviolet. Met ruimtesondes exploreren wij de kosmos. Dat alles is oppervlakkig. Er is onvoorstelbaar veel meer aanwezig. Ik dacht aan de woorden van "De Kleine Prins": "Het belangrijkste is wat we niet zien". Er is een Indisch verhaal waarin blinden olifanten leren kennen; de enen door hun tanden aan te raken, anderen door hun oren of slurf te strelen; maar niemand dringt door tot in het totaalbeeld van de olifant, nog minder bij de ervaring wat het voor een olifant betekent olifant te zijn. * Maar het omgekeerde gebeurt. Fysisch blinden zien soms meer dan wie het normale gezicht heeft. De Franse wijsgeer Maurice Blondel werd blind in de twintiger jaren van vorige eeuw. Vanuit deze toenemende handicap was hij beter dan wie ook in staat om een filosofie te schrijven over datgene wat de zichtbare wereld overstijgt. De Bretoense diaken Jacques Lebreton, die eerst ongelovig tijdens de tweede wereldoorlog handen en ogen had verloren, schreef in een lang gedicht: "In de gaping van mijn oogholten heb ik God gezien, en gezien dat Hij mij liefheeft". Een blindgeboren dominee die ik jaren geleden meevoerde naar een oecumenische bijeenkomst, liet me onderweg verstaan dat zijn visueel voorstellingsvermogen onbestaande was. Maar in de conferentie die hij er zelf gaf sprak hij ontroerend over Jezus "het Licht der wereld". Hij begreep wat dat Licht was, Licht van een andere kwaliteit, Licht van een hoger niveau. Dan begreep ik dat wij als schildpadden leven in een winterslaap onder de grond, dat wij vaak onze ogenkracht verkeerd investeren of verspillen, en dat het dieper zintuig van ons geloof verschrompeld en on- of onderontwikkeld blijft.

2. Wij zien de dingen niet zoals ze werkelijk zijn, niet zoals God ze ziet.

- Het was de kreet van Theresia van Lisieux: "Laat mij de dingen zien zoals ze zijn !" * Daar is de verblinding, de verdwazing van wie door het vedettisme en de reclame in de media misleid worden in de keuze van de levenswaarden. Daar is de blindheid van wie lijden aan de gezichtsvernauwing van het rationalisme, waarbij zij alleen aanvaarden wat het redenerend verstand grijpen kan. Daar is de blindheid van de moedeloze gelovigen, die in de war zijn gebracht of bitter werden bij de ervaring van de crisis in kerk en wereld, en afhaken of de armen laten hangen. Zij komen er niet toe veel dieper te kijken en anders te zien. Graag citeert men vandaag de kerkvader Ireneüs: "De glorie van God is de levende mens". Maar men vergeet dat de tekst doorgaat: "Doch het leven van de mens is God te zien en te zien zoals God" (Latijn: 'visio Dei'). "Gods licht is zo sterk dat het alleen gesluierd of slechts met zachte klaarheid door ons oog kan worden ontvangen. Door de onachtzame mens wordt het niet waargenomen. Daarom moeten we de ogen sluiten" (Joseph Joubert). Dit zien in de diepte is immers niet een zaak van grijpen maar van biddend ontvangen.

* Die blinde heette Bartimeüs (Aram.: 'Bar Timaï : 'zoon van de besmette'). Zijn fysieke genezing was als de bevestiging van zijn innerlijk zien, zijn geloof. Hij ging Jezus volgen op zijn weg naar Jeruzalem. Straks ging daar zijn verboden roepkreet luid weerklinken; "Hosanna Zoon van David !" Alleen Marcus noteerde zijn naam. Waarschijnlijk was Bartimeüs goed bekend in de jonge kerk toen Marcus zijn evangelie schreef. Hij werd model voor de christen, voor ons, op weg met Jezus.