Weet waarvoor je leeft (2009)

Ik ga later als ik veel tijd over heb een boek schrijven en al mijn herinneringen opschrijven. Daar kan ik een boek over schrijven, zeggen mensen ook wel eens alsof het schrijverschap een fluitje van een cent is.
Misschien is leren schilderen ook een optie, want is ieder mens niet ergens familie van Van Gogh of van Rembrandt. Artiesten zie je het veel doen. Ze zijn wat te oud geworden om koffietijd of een ander programma te presenteren en ze wijden zich plosklaps aan de schilderkunst. Ze worden ook nog eens op het verkeerde been gezet, want ze denken dat ze het kunnen, omdat hun naam meer verkoopt dan de beeltenis op hun schilderij. Weer anderen nemen een hondje om hun tijd mee op te vullen of twee hondjes om voor te zorgen. Deze hebben echter een nadeel. Ze gaan een keer dood en dat doet ook al weer pijn en als je zelf eerder gaat hemelen komt de vraag naar boven wie er nu voor de hondjes gaat zorgen. Een andere veelgemaakte keuze is het beginnen van een volkstuintje, maar dan loop je wel grote gevaren, want naast je heeft iemand ook een volkstuin en daar zouden wel eens sociale contacten uit kunnen ontstaan. Daarbij komt ook nog dat je in juli veel sperziebonen over hebt en dan moet je gaan vragen wie er blij is met sperziebonen. Dat wordt zo'n geleur en gezeur. Nee echt geen doen.

Als je zo leeft, lijk je enigszins op de rijke jongeling uit het evangelie. Hij wil gelukkig worden, deel krijgen aan het eeuwig leven, deel uit maken van de club die Jezus volgt. Hij houdt zich keurig aan de geboden. Hij steelt niet, bedriegt niet en eert zijn vader en zijn moeder en toch ontbreekt hem nog het een en ander. Al zijn rijkdom maakt hem niet gelukkig. Hij zoekt nog steeds naar het eeuwige geluk. Jezus is heel duidelijk naar hem toe. Verkoop wat je hebt en geef het aan de armen en U zult een schat hebben in de hemel. Kom dan terug om mij te volgen.
Dat gaat hem te ver. Hij weet eigenlijk wel dat het zou moeten, maar het is te moeilijk, want het was iemand met veel bezit.
Zijn wij ook rijke jongelingen... of rijke ouderen... of rijke kinderen?
Soms lijkt het er wel op. We doen van alles om onze tijd op te vullen en denken en zeggen dat we het vreselijk druk hebben. Druk met MSN met school, met vrienden met uitgaan, met werk, met bankzaken, met onze aandelenportefeuille, met het kopen van de nieuwste snufjes en met het zoeken naar nieuwe cursussen om gelukkig te worden. En zo nog 1001 dingen meer.
In de tijd van Jezus was het niet anders. Terwijl de ene helft van de mensen in armoede leefde, was het andere gedeelte bezig met allerlei reinigingsregels in en rond de tempel, met hoe de wet van Mozes moest worden verstaan en of je op de sabbat wel mensen mocht helpen.
Jezus heeft naar hen en naar ons hetzelfde antwoord. Gelukkig worden, het eeuwig leven deelachtig worden, doe je door anderen gelukkig te maken. Een zieke bezoeken doet niet alleen de zieke goed, maar misschien leer je ook je eigen ongemakken en beperkingen accepteren.
Vluchtelingen helpen hun leven weer op poten te krijgen, kan je gelukkig maken wetend dat jezelf een veilig thuis hebt. Inzet voor de parochie de kerk, de samenleving leert je relativeren, leert je dat gelukkig zijn niet bestaat in grote rijkdom, maar in anderen gelukkig maken. Zo levend komt het rijk Gods dichterbij. Zo wordt de aarde de hemel. Het kan nog even duren voor we zover zijn. Dat geldt in ieder geval ook voor mij, want we hebben allemaal toch allerlei bezittingen waar we niet zo gemakkelijk afstand van kunnen doen, maar we mogen in Jezus naam steeds een nieuw begin maken.