Van de armzaligheid van de rijken en de rijkdom der armen

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

In zijn beroemd verhaal: 'Hoeveel grond heeft een mens nodig?' schildert de Russische schrijver Tolstoi het lot van de arme boer, die nauwelijks het levensnoodzakelijke bezat. Dan valt hem een onverwacht geluk ten deel. Een rijke grondbezitter geeft hem de toestemming om zoveel grond te verwerven, als hij op één dag kan afstappen: van zonsopgang tot zonsondergang. Een enkele voorwaarde stelt de eigenaar: als de zon ondergaat moet hij precies op hetzelfde punt aangekomen zijn waar hij ‘s morgens vertrokken is. Dat maakt de boer overgelukkig. Hij zal geen hele dag nodig hebben om het stuk land af te stappen, dat hem rijk zal maken... Vol moed gaat hij op weg, kalm en rustig. Maar plotseling overvalt hem de gedachte om die uitzonderlijke kans toch maar volledig uit te buiten en zoveel mogelijk grond in zijn bezit te krijgen. Dromend over de nieuwe rijkdom en de nieuwe mogelijkheden stapt hij sneller en sneller. Dikwijls kijkt hij naar de stand van de zon om het bepaalde tijdstip van aankomst niet te missen. De kring wordt steeds groter: hier nog een stuk grond, daar die vijver en ook nog dat bosje. Haastiger wordt zijn stap, zijn adem stokt, het angstzweet staat op zijn voorhoofd. Een laatste krachtinspanning en... hij heeft zijn doel bereikt, juist bij het licht van de ondergaande zon. Dat machtig stuk land hoort hem nu toe! Maar..., plotseling valt hij neer en sterft. De inspanning en de uitputting waren te veel geweest. Zijn hart kon dit niet meer dragen. Hem bleef dan alleen dat kleine stukje grond, waarin hij werd begraven...

Dit verhaal kan dienen als commentaar op het evangelie van vandaag. Jezus waarschuwt zeer scherp tegen de rijkdom, omdat die zo gemakkelijk een hinder is om binnen te treden in het Rijk van God. Die waarschuwing treft ons toch ook wel, omdat Jezus hier spreekt tot een rechtgelovige Jood. Volgens onze opvatting komt hij in niets aan de wet tekort. Jezus waardeert dit eerlijk streven en daarom kijkt Hij de man liefdevol aan... Welke raad moet Hij deze jongeman geven? Wat ontbreekt hem eigenlijk nog? Jezus nodigt hem uit zijn hele have en goed te verkopen en het aan de armen te geven om Hem dan te volgen. Maar die uitnodiging gaat boven de krachten van de jongeman.

Wellicht zijn wij het wel eens met de vraag van de apostelen: waarom moet iemand die de wet naleeft, nog afstand doen van zijn rijkdom? Hoe komt het dat een mens daardoor ongeschikt wordt om Jezus te volgen? Waarom leidt de weg van het heil langs het prijsgeven van de rijkdom?

Het verhaal van Tolstoi geeft hierop ook een antwoord. Het is droevig te zien hoe die arme boer zo geboeid werd door die verleidelijke rijkdom. Hij kende toch voldoende het onderscheid tussen nood en voldoende bezit voor een behoorlijk levensonderhoud. Hij wil echter altijd meer hebben. Niets mag gemist worden en niets mag ontsnappen van de buit. Heel zijn streven en denken gaan uit naar ‘altijd nog meer', totdat het hart er letterlijk bij blijft stilstaan. Dit hart wordt gedood door het vergif van overtollig bezit... Wie het geld dient, kan God niet dienen. De drang om rijkdom op te hopen, verlamt alle andere krachten in de mens. Deze drang verspreidt zich als een gif in heel de mens en tast de mogelijkheden aan om naar het heil te luisteren. Het blikveld wordt zo bekrompen dat er geen plaats meer is voor God en geloven.

Eigenlijk kennen wij allemaal het gevaar van de rijkdom. Maar meestal ontdekken wij dat gevaar bij anderen en niet bij onszelf. Wij menen dat we nog niet bij de rijken behoren. Toch is de grootte van de rijkdom niet maatgevend, maar wel de innerlijke binding. Stilaan vereenzelvigen wij ons leven met alles wat gekocht en verkocht kan worden. Het is daarom goed dat wij allen naar die vermaning van Jezus luisteren. 'Geloven' betekent hier: de laatste levenswaarde van God verwachten en daarbij zoveel vrede ervaren dat de verlokking van het geld geen invloed meer heeft. Wie gelooft, vertrouwt zich helemaal toe aan God, zodat hij zich geen zorgen maakt voor morgen, zodat hij vrij kan staan tegenover geld en bezittingen. Voor de mensen schijnt dit onmogelijk te zijn. Voor God echter niet! Want bij Hem is alles mogelijk!