Eén ding ontbreekt u nog

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Pedagogen en begeleiders zijn beroepshalve luisteraars. Goede pedagogen en begeleiders beluisteren in het uitgesproken woord de verdoken vraag. Daardoor openen zij de mens op zichzelf. Daardoor ziet de mens zijn vermogen en zijn onvermogen. Hij wordt ingewijd in zijn waarheid. Dat staat hier nu wel in korte woorden uitgetekend alsof dit de evidentie zelf is. Toch is dat niet zo eenvoudig. De mens die zijn waarheid onder ogen ziet, is eventjes ontworteld. Soms kan hij dat proces van verwerking niet aan. Dat is het tere punt in elk pastoraal gesprek. Daarop gebeurt het dat de begeleider even directief gaat spreken. De conclusie die de hulpzoekende mens zelf niet kan trekken, wordt hem broederlijk meegedeeld. Sommige mensen zien dan pas hun waarheid.

Als dat waar is, dan is Jezus in dit stuk evangelie een uitstekend pedagoog. Om elk misverstand te vermijden, het gaat hier niet over een rijke jonge man. Het gaat over ‘iemand'. Over een mens, over de mens. Over de zinzoekende mens. Die mens stelt een vraag en Jezus stelt een vraag terug. Jezus geeft een antwoord en die ‘iemand' geeft een antwoord terug. Uiteindelijk is het allemaal naast de kwestie: het antwoord gaat aan de vraag voorbij. Zo loopt het gesprek dood. Daarop wordt Jezus assertief: ‘Eén ding ontbreekt u.'

Eén ding heb je tekort: je hebt één ding teveel. Het zware gewicht van je bestaan staat elke lichtheid van leven in de weg. Je zult nooit weten wat echt leven is, als je verblind wordt door teveel ersatz. Het is alsof Jezus zeggen wil: ‘Zwaargewicht, je kunt niet meer lopen, je kunt niet meer volgen. Je kan dus ook geen volgeling worden. Pas als je de verzuurde ballast overboord gooit, zal je leven. Echt leven. Dan pas zal je gezond in- en uitademen. Daarop stokt het gesprek. ‘Dit woord ontstelde hem en ontdaan ging hij heen omdat hij vele goederen bezat.'

Het pastorale gesprek is dus mislukt. De mens kon het antwoord op zijn vraag niet aanvaarden. Hij bleef steken in zijn vraag. Eigenlijk zocht hij geen antwoord. Hij zocht slechts de bevestiging van wat hij al wist. Dat is de tragiek van elke begeleiding en van elk therapeutisch advies: de mens wil altijd het antwoord horen dat hij al kent. De mens stelt vragen om te vernemen dat hij niet moet veranderen.

Tot hier toe is dat voor slechte verstaanders psychotherapeutische onzin. Dat is dan voor hun rekening. Het eigenlijke punt is dat hier iets gezegd wil worden over wie Jezus is en wat Hem beweegt om mensen te openen op waarheid. Hij wil inderdaad mensen leren wat ze moeten doen ‘om eeuwig leven te verwerven'. Om eeuwig leven te verwerven, mag de mens zich niet vergapen aan wat hij al heeft en wat hij al is. Er is voor de mens een andere vreugde weggelegd. Op de wijde wereldkaart van het leven rijden mensen over en weer op hun eigen voren en sporen. Zo lopen ze finaal vast. Op deze voren en sporen komen ze slechts zichzelf tegen en dat is letterlijk eentonig. Ze zingen hun liedje altijd in dezelfde toon, terwijl er op hun klavier zovele varianten mogelijk zijn. Jezus zegt dat het leven anders kan. Eén ding heb je tekort, je hebt teveel. Als je nu eens open wil gaan op wat Ik geven wil.

Jezus wil voor een verrassing zorgen.