Uitverkoop (2003)

Onlangs liet de TV het huisinterieur zien van een 80-jarige mevrouw die alles bewaard had wat ze in haar leven had gekocht of gekregen. Nee, het was er niet vies, maar de spullen stonden er van de zolder tot de kelder zo hoog opgestapeld dat de doortocht levensgevaarlijk was geworden. Menigeen heeft hierbij gedacht: "Die is niet goed wijs". Waarschijnlijk een juiste gedachte. Dan zijn we het er met elkaar over eens dat wijsheid en het al te zeer verzamelen van spullen niet bij elkaar passen. Niet alleen de doorgang door het huis kan er door geblokkeerd worden, maar ook die doortocht naar enige rust en tevredenheid, naar medemensen die tekort komen, naar het inzicht in de betrekkelijkheid van bezit. Wijze mensen kennen die doortocht wel.

Dit zou een aanleiding kunnen zijn om bij onszelf eens te gaan kijken op zolder of in de berging. Als we alles wat we bijvoorbeeld de laatste vier jaar niet meer gebruikt hebben er uit halen en in de uitverkoop zetten, weggeven of weggooien, dan is het vrijwel zeker dat er weer een heleboel ruimte vrij komt. Zo heel wijs blijken we dan toch ook weer niet te zijn geweest. Wij behoren tot de kleine 5 procent van de wereldbevolking die het zich kan permitteren om dingen te kopen die we eigenlijk helemaal niet nodig hebben en op den duur kunnen we dat kopen niet eens meer laten. Niet de psycholoog, maar de handel verdient aan onze afwijking. Elke week prachtige folders met nog weer nieuwe spullen en per se in de aanbieding, want dat moet ook. Er zijn winkels waar het hele jaar "aanbieding", of "uitverkoop" tegen de ruiten zit geplakt. Maar niemand moet het wagen te zeggen dat we niet goed wijs zijn als we daar binnen stappen.

In de eerste lezing van vandaag worden wijsheid en het in de uitverkoop zetten van ons teveel met elkaar verbonden. In de tweede lezing blijkt een rijke jonge man zelfs niet ter verkrijgen van eeuwig leven afstand te kunnen doen van zijn spullen. "Als je op zo'n aanbod niet ingaat dan ben je toch niet goed wijs", zouden we zeggen. Er wordt geen vernietigend oordeel over hem geveld. Hij was nog jong en "wijsheid komt met de jaren" zeggen we wel. Dat lijkt te kloppen en we worden door de omstandigheden daarbij geholpen. Menigeen heeft in de jongere jaren zelfs een losstaand huis kunnen bemachtigen. Alles erop en eraan. Toen werd de tuin te groot en de grote kamers vroegen ook al te veel onderhoud. Volgde dus een appartement en later een appartementje met verzorging. Het eindigt met een enkel bed in het verpleeghuis of ziekenhuis en wie dat allemaal mag meemaken heeft nog geluk gehad ook.

Aan een andere 80-jarige werd gevraagd wat ze met haar verjaardag graag wilde hebben. "Ik zou wensen dat iedereen die mij feliciteert iets uit mijn kamertje meeneemt van wat er de laatste jaren feestelijk is neergezet". Tenslotte blijkt het allemaal alleen belasting voor deze wijs geworden leeftijd. Niet iedereen komt zo ver en blijft dus met het ongerief en de zorg zitten. We worden vandaag tot geen enkele rigoureuze actie aangespoord. Er wordt ons wel de vraag voor gelegd of we met ons bezig zijn met geld en spullen niet de doorgang blokkeren naar rust, naar tevredenheid, naar innerlijke vrede, naar bekommernis om de ander,- allemaal onderdelen van zalig leven nu al. Zo ja, wees dan zo wijs en maak een begin met een en ander in de uitverkoop te zetten, weg te doen, weg te geven. De berging zal wel even vol blijven, of toch niet?