Heilige familie A (2010)

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 194 niet laden

OPENINGSWOORD

Broeders en zusters, aan het begin van de 19e eeuw kwam overal in Europa de industriële revolutie geweldig op gang. Dat bracht veel werkgelegenheid met zich mee, maar ook veel narigheid. Het was dikwijls zwaar en smerig werk, onderbetaald, ongezond, kinderarbeid kwam voor. De werkdagen waren onredelijk lang. Naar aanleiding van dat alles zijn ook de vakbonden ontstaan.

Eén van de erge dingen, die gebeurden was dat er een aanslag werd gepleegd op de beslotenheid van het gezin. Vaders en moeders moesten werken, ook dus kinderen en voor de kleintjes was er niet die opvang, zoals wij die vandaag hebben en of het idee van kinderopvang vandaag de dag zo geweldig is, daar kunnen wij het ook nog eens over hebben. Men kon toen bijna niet anders dan kinderen te weinig liefde en aandacht geven. Tegenwoordig kiezen veel mensen daar zelf voor, omdat ze graag carrière maken of een groter en mooier huis willen hebben.

Onder invloed van al deze ontwikkelingen is door het kerkelijk leergezag het feest van de heilige Familie ingesteld.

Bidden wij vandaag voor onze Nederlandse samenleving: dat wij opnieuw mogen ontdekken, dat het gezin de steunpilaar van de maatschappij moet zijn.

OPENINGSGEBED

Laat ons bidden. Heer, onze God, in het huis van Maria en Jozef heeft uw Zoon warmte gevonden en geborgenheid. Daar hebt Gij voor het eerst in deze tijd uw eeuwig Woord gesproken en het gezin geheiligd tot de gemeenschap waar Gij onder de mensen verblijft. Laat uw zegen rusten op elke woning; dat de mensen er in vrede wonen en met elkaar het brood van uw liefde delen. Door onze Heer Jezus Christus, uw ... .

PREEK

We verplaatsen ons vandaag van de stal in Betlehem naar het huis in Nazaret. De plaats van handeling verschilt, de hoofdrolspelers zijn dezelfde: Maria, Jozef en Jezus, de heilige familie. Wij kunnen hierbij denken aan plaatjes in vrome prentenboeken van de vroegere lagere school: Jozef aan de werkbank, Maria aan het spinnewiel en Jezus spelend tussen de houtkrullen. Op een muurschildering in mijn vorige parochiekerk, de Sint Jozefkerk in Velsen-Noord, een echte arbeidersparochie, is Jezus als kind ten minste nog werkend afgebeeld. Maar het is allemaal rozengeur en maneschijn, er is geen vuiltje aan de lucht. Maar de werkelijkheid over dat gezin is anders en is te vinden in de Bijbel, de heilige Schrift.

Slechts een paar dingen worden ons verteld. Veertig dagen na zijn geboorte gaan Jezus' ouders naar de tempel en daar ontmoeten ze Simeon, een oude en wijze profeet. "Dit Kind", zegt hij, "zal een teken van tegenspraak worden en ge zult nog veel verdriet meemaken omwille van Hem". Dat klinkt niet zo vrolijk en het maakt zijn vader en moeder bang en bezorgd.

Enige tijd later wordt de rust en vrede rondom de geboorte inderdaad wreed verstoord door de gedwongen vlucht naar Egypte, bang als zijn ouders zijn voor de moordplannen van koning Herodes. Twaalf jaar later blijft Hij, tegen de wil van zijn ouders, achter in Jeruzalem, terwijl zij huiswaarts keren. Na dagen zoeken vinden zij Hem en zijn moeder zegt dan: "Kind, waarom heb je ons dit aangedaan".

Het was dus niet altijd even mooi, rustig en gemakkelijk zoals sommige oude muurschilderingen en platen ons willen doen geloven.

De meeste ouders en grootouders zijn trots op hun kinderen en kleinkinderen. Hele plakboeken vertellen over de zorg en liefde, die aan kinderen en kleinkinderen worden besteed. Men heeft hoge verwachtingen, maar met het groter worden, groeien ook de zorgen. Het kind ontwikkelt zich en gaat een eigen weg; dikwijls anders dan ouders hadden gewenst.

En dan komt weleens de vraag boven: Hebben we iets verkeerd gedaan? Waardoor denken en doen ze niet zoals wij hadden gehoopt?

Een begrijpelijke vraag. Ouders willen zich immers graag herkennen in hun kinderen. Maar ook een verkeerde vraag, omdat het ten onrechte schuldgevoelens kan aanwakkeren en misschien te weinig rekening houdt met het individuele karakter van elk kind en van iedere mens.

Een gezin is goed, niet als er nooit onaangenaamheden voorkomen, maar als men in staat is gezamenlijk oplossingen te vinden voor uitdagingen. De heilige Familie is niet heilig, omdat er nooit een woord viel en altijd alles op rolletjes liep. Maar het gezin van Jozef, Maria en Jezus wordt heilig genoemd, omdat ze elkaar behoedden voor gevaar. Denken wij maar aan de vlucht naar Egypte. Ze zochten elkaar als ze elkaar kwijt raakten; denken wij aan de zoektocht in Jeruzalem. En ze bleven elkaar trouw onder alle omstandigheden. Zijn Moeder Maria staat met Johannes als enige apostel onder het kruis.

Lieve mensen, proberen wij ‘heilige families' te zijn? Is ons huis ingezegend door een priester of diaken? Zijn wij gezinnen waar God inwoont en Jezus ideeën de eerste plaats hebben? Proberen vader en moeder en de kinderen elkaar in liefde te bewaren en te beschermen, te helpen, elkaar te zoeken als zij elkaar kwijt zijn geraakt en trouw zijn door alles heen?

God, onze Vader, Jezus en de heilige Geest, hebben heel veel grote geschenken voor ons en de allergrootste daarvan is uiteraard, dat als wij ons best doen wij ooit naar de hemel mogen om daar voor altijd en eeuwig gelukkig te zijn.

Maar God heeft dan ook wel zijn verwachtingen, hoge verwachtingen! Priesters en religieuzen moeten dagelijks hun brevier bidden. En op iedere zaterdagavond, vóór het slapengaan, lezen wij in de dagsluiting dezelfde korte schriftlezing. Het gaat om een lezing uit het oudtestamentische boek Deuteronomium, geschreven dus meer dan 1000 jaar vóór de geboorte van Jezus Christus. Toen al had God reeds deze hoge verwachtingen van onder andere gezinnen. De tekst luidt als volgt: "Luister, Israël, Jahwe is onze God, Jahwe alleen! Gij moet Jahwe uw God beminnen met heel uw hart, met heel uw ziel en met al uw krachten. De geboden die ik u heden voorschrijf, moet ge in uw hart prenten. Ge moet er met uw kinderen telkens opnieuw over spreken, wanneer ge thuis zijt en onderweg, als ge slapen gaat en opstaat" (6,4-7).

Lieve mensen, het is maar wat wij het belangrijkste vinden. Dit is Gods wil en wet. Wij bidden ook strakjes weer "Uw wil geschiede op aarde, zoals in de hemel". Dat is heel gemakkelijk gezegd, maar wij moeten het ook doen! Welnu, God verwacht blijkbaar, dat wij iedere dag een paar keer, en ook bijvoorbeeld op reis, met de kinderen, als gezin met elkaar, over het geloof praten. Ik zou zeggen - en ik hoop niet dat ik hierom later van God op mijn ... krijg: probeer het iedere dag minstens één keer te doen. Het is je plicht als ouders. Het is het behoud en de redding van het geloof van je kinderen.

In Visie, de radio- en televisiegids van de Evangelische Omroep - die ik van harte zou willen aanbevelen - staat in het huidige nummer een kort verslagje van het volgende onderzoek: "Onderzoek wijst op belang voorleven van geloof. Als in gezinnen niet openlijk over het christelijk geloof wordt gesproken en het niet wordt voorgeleefd door de ouders, is de kans groot, dat kinderen later niets meer of beduidend minder met het christelijk geloof doen. Dat blijkt uit het rapport Wisseling van de wacht: generaties in Nederland van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Ik citeer uit het rapport: "Een godsdienstig huiselijk milieu is een voorwaarde voor de ontwikkeling van godsdienstigheid bij de kinderen, waarbij vooral gewoontevorming - via kerkgang en gezamenlijk gebed - belangrijk is, evenals een voor de kinderen manifeste, persoonlijke doorleefdheid bij de ouders".

Laten wij vandaag heel bijzonder bidden voor de gezinnen in Nederland, vooral voor de vele kinderen, tieners en jongeren, die zo'n gebrekkige aandacht krijgen en daardoor steeds vaker op gewelddadige manier om liefde en aandacht schreeuwen. Bidden wij voor onze Nederlandse regeringsleiders: dat zij passende maatregelen nemen.

Stellen wij ons vertrouwen op de heilige Familie, en volgen wij hun voorbeeld na. Maria en Jozef hebben iedere dag met hun Kind Jezus over het geloof gesproken. De kennis van God en de liefde voor Hem had in dat gezin de hoogste prioriteit. En zo hoort het in elk gezin te zijn.

Ik weet dat er in onze parochie veel gezinnen zijn, die erg hun best doen. Misschien - als we van onszelf weten, dat wij nog niet helemaal aan Gods verwachtingen voldoen - dat wij er dan een schepje bovenop kunnen doen. Ieder jaar ietsje beter. We zullen al spoedig de goede vruchten ervaren. Dan krijgen we de smaak te pakken en verlangen naar vanzelf naar meer. Geven wij antwoord aan God. Doen wij onszelf en onze kinderen dit plezier. Een plezier waarvan wij een eeuwigheid lang kunnen profiteren.